Dwalen door Saint-Germain-des-Prés: mijn favoriete plekjes (en een paar local tips)

Als er één wijk in Parijs is waar ik altijd weer met een glimlach terugkom, is het Saint-Germain-des-Prés. Ik ben er inmiddels meerdere keren geweest. Soms voor een lange wandeling, soms gewoon voor een kop koffie tussendoor en elke keer ontdek ik weer iets nieuws, of het nu een piepklein winkeltje is of gewoon een bankje waar ik een halfuurtje wegdroom. Tijdens een van die bezoeken kreeg ik van een local ook nog een paar leuke weetjes mee die mijn beeld van de buurt alleen maar rijker maakten. Ik neem je mee langs mijn favoriete plekken in de wijk.

Langs de Seine naar Saint-Germain

De mooiste manier om Saint-Germain binnen te wandelen? Via de Seine, langs de bouquinistes, die iconische groene boekenkraampjes die al eeuwen het silhouet van de rivier bepalen. Op weg naar de Pont des Arts. Deze brug verbindt het Louvre aan de andere oever met het Institut de France, maar voor mij voelt hij vooral als een romantische poort naar Saint-Germain-des-Prés.

Vroeger hing de brug helemaal vol met liefdesslotjes, tot ze zo zwaar werden dat de stad ze moest verwijderen. En eerlijk? Ik vind de brug er zonder alleen maar mooier op. Want waar je hier écht voor komt, is het uitzicht: aan de ene kant het Louvre, aan de andere kant het Institut de France, en overal om je heen de Seine, de bruggen, de daken en dat typische Parijse "alles-is-goed"-gevoel dat moeilijk uit te leggen is, maar dat je meteen herkent zodra je het voelt.

Kom als je kunt aan het einde van de middag of rond zonsondergang, geen ticket, geen reservering, geen wachtrij, gewoon Parijs op z'n mooist. En vanaf hier loop je in een paar minuutjes zo het hart van Saint-Germain-des-Prés in.

Waar mijn wandeling verdergaat: Odéon

Odéon is voor mij hét kruispunt van de Rive Gauche. Dit stukje Parijs voelt meteen anders dan de rest van de stad: smallere straatjes, boekwinkels op elke hoek en dat typische "ik-ben-nu-écht-in-Parijs"-gevoel. Perfecte startplek om de wijk vanaf hier te verkennen.

Place de L'Odeon

Cour du Commerce Saint-André: het steegje dat je bijna mist

Vanuit Odéon liep ik zo de Cour du Commerce Saint-André in, en eerlijk gezegd is dit een van mijn favoriete steegjes van heel Parijs.

Kinderkopjes, oude gevels, terrasjes. Het voelt hier veel authentieker dan op de grote boulevard net ernaast. Een local vertelde me dat dit smalle passage al eeuwenlang een geschiedenis van intellect en revolutie met zich meedraagt: hier zit namelijk Le Procope, het oudste café-restaurant van Parijs. Boven één van de brasserieën verstopt zich bovendien een schattige cocktailbar, en verderop in het steegje vind je een charmante theesalon.

Kortom: al struinend door dit ene steegje kun je zo een uurtje kwijt zijn zonder dat je het doorhebt. Bij Brasserie des Prés kun je heerlijk even zitten en kijken. Ik hou ervan.

Brasserie des Pres

Saint-Sulpice: de stille reus

Van daar wandelde ik naar Saint-Sulpice, en die kerk overviel me eigenlijk een beetje. Van buiten lijkt het al een enorm bouwwerk, maar van binnen is het pas echt indrukwekkend: met zijn 120 meter lengte, 57 meter breedte en 30 meter hoogte onder het midden is het na de Notre-Dame de tweede grootste kerk van Parijs.

Ik ben er zowel overdag als 's avonds geweest, en het plein met de fontein ervoor is op beide momenten prachtig. Overdag levendig met mensen die er even neerstrijken, 's avonds rustiger en sfeervoller met de verlichting. Als je maar één kerk buiten de Notre-Dame in Parijs bezoekt, zou dit 'm voor mij zijn.

Saint Sulpice

Even op adem komen in de Jardin du Luxembourg

Na al dat wandelen was de Jardin du Luxembourg de perfecte plek om te vertragen. Het paleis, de grindpaadjes, de groene stoeltjes die overal verspreid staan, de standbeelden, de fonteinen. Het is groots en ontspannen tegelijk. Mijn tip (die ik zelf inmiddels heb omarmd), kom hier niet alleen voor een foto. Pak een stoeltje, ga zitten, en laat de stad gewoon even langs je heen gaan.

Als je met kinderen bent, kun je trouwens bootjes laten varen op de vijver, een makkelijke manier om ze een uur zoet te houden. Zelf vind ik de Medici-fontein een van de meest romantische hoekjes van het park.

Shoppen met stijl: van Bonaparte tot Hermès

Saint-Germain is ook gewoon een heerlijke wijk om te shoppen, en dat liet ik me niet ontglippen. Ik struinde langs de Rue Bonaparte, wipte binnen bij Louis Vuitton en gunde mezelf een moment bij Hermès. Bij Ralph Lauren ging ik niet shoppen, maar lunchen op het buitenterras. Een verrassend rustig plekje om even bij te komen tussen alle etalages door.

Tussendoor was er natuurlijk tijd voor macarons bij La Durée, die kleurrijke doosjes zijn gewoon onweerstaanbaar. En voor wie, net als ik, dol is op vintage: de wijk zit vol met kleine vintage shops waar je makkelijk een middag kunt verdwijnen.

Cordelia Coffee Flower Shop: een verrassend tussenstopje

Een van de leukste ontdekkingen is wel Cordelia Coffee Flower Shop aan de Rue du Bac, een klein café en bloemenwinkel ineen, waar je letterlijk je eigen boeket kunt samenstellen, bloem voor bloem. Ik zat er met een kopje thee en zag mensen hun eigen bosje bij elkaar puzzelen, van klein en simpel tot een uitbundige mand vol kleur. Heel toevallig viel mijn bezoek samen met het seizoen van de galette des rois, de Franse "koningentaart" met amandelcrème, die eind december tot eind januari overal verschijnt. Er zit een klein figuurtje (de "fève") verstopt in het gebak, wie het vindt, is voor die dag koning of koningin. Een leuk, heel Frans momentje om mee te maken als je in die periode in Parijs bent.

Le Bon Marché en La Grande Épicerie: verdwalen tussen de lekkernijen

Verderop liep ik richting Le Bon Marché, het warenhuis dat ooit door Aristide Boucicaut werd omgetoverd tot een van de allereerste moderne grand magasins van de wereld en dat merk je nog steeds aan de allure van het gebouw. Vlak ernaast ligt La Grande Épicerie, en die plek is levensgevaarlijk voor je portemonnee. Je loopt naar binnen voor "even een blik werpen" en een halfuur later sta je nog steeds tussen de kazen, patisserie, kruiden, olijfoliën, jam, chocolade, wijnen en thee die je niet eens wist dat je wilde hebben. Het is niet de goedkoopste plek van Parijs, maar wel een van de mooiste om iets bijzonders mee naar huis te nemen.

Le Bon Marché

De eeuwige rivalen: Café de Flore en Les Deux Magots

En dan, natuurlijk, de twee iconen waar je niet omheen kunt: Café de Flore en Les Deux Magots. Beide worden altijd in één adem genoemd, maar ze voelen voor mij toch echt anders.

Café de Flore is met zijn witte luifels, groene letters en obers in klassiek uniform bijna een symbool op zich. Hier kom je voor het beeld, de sfeer, dat klassieke Saint-Germain-plaatje.

Les Deux Magots voelt voor mij net iets meer als een plek waar je echt aan tafel gaat voor een volwaardig ontbijt, lunch of diner.

Mijn advies: voor een symbolisch drankje en de foto kies je Flore, voor een echte maaltijd kies je de Deux Magots. Zelf hield ik ook nog een stop bij Café Louise, net zo'n heerlijk plekje om even te pauzeren tussen alle indrukken door. Daar vind ik de lunch super lekker en het is ook leuk zitten. Doe vooral wat jij leuk vindt! Naast deze plekjes zijn er nog veel meer leuke sfeervolle plekjes in deze buurt.

cafe de Flore

Een verstopt hoekje voor de volgende keer

Even weg van de bekende cafés: een van de leukste dingen aan Saint-Germain is dat je zomaar, na een paar minuten lopen, van de drukte in een rustig zijstraatje kunt duiken en voelt hoe Parijs ineens een tandje lager schakelt. Dit keer kwam ik er niet aan toe, maar een plekje dat me warm werd aanbevolen, en dat hoog op mijn lijstje staat voor de volgende trip, is Place de Furstemberg. Een van die piepkleine Parijse pleintjes die geen indrukwekkend monument nodig heeft om onvergetelijk te zijn: een paar hoge bomen, een sierlijke lantaarnpaal in het midden, omringd door elegante gevels en die typische, intieme sfeer van de Rive Gauche.

Op het pleintje zit ook La Compagnie Française des Poivres et des Épices, een prachtig winkeltje vol kruiden, pepers, zouten en mengsels uit de hele wereld. Precies wat ik zo leuk vind in Saint-Germain: discreet, verfijnd, gespecialiseerd, en perfect als je iets origineels wilt meenemen dan het standaard Parijse souvenir.

Het plein is bovendien nauw verbonden met schilder Eugène Delacroix, wiens museum er vlakbij zit. Zelfs als je het museum of het winkeltje overslaat, is het pleintje op zich al een tussenstop waard, kom bij voorkeur vroeg in de ochtend of later op de dag, wanneer het licht wat zachter wordt. Eentje voor de volgende keer dus!

Waar overnachten in (de buurt van) Saint-Germain-des-Prés?

Zelf sliep ik bij Hotel Saint Louis Jardin du Luxembourg, maar er zijn natuurlijk veel meer heerlijke plekken om je hoofd neer te leggen in deze wijk. Op onderstaande kaart zie je in één oogopslag welke hotels en appartementen dicht bij de plekken uit dit artikel liggen — handig als je je verblijf wilt boeken op basis van de route die je hier net hebt gelezen.

Mijn conclusie

Saint-Germain-des-Prés is een wijk die je niet in een paar uurtjes kunt bekijken. Het is een wijk die je wilt ervaren. De iconische cafés, de verstopte steegjes, de rust van het park, het shoppen, de kerken die honderden jaren geschiedenis in zich dragen. En het mooie is: je hoeft het niet allemaal in één dag te doen. Spreid het uit over meerdere bezoeken, kies steeds een paar plekken die je aanspreken, en geef jezelf de tijd om echt te blijven hangen. Dat is precies wat deze wijk zo bijzonder maakt.

Ben je zelf van plan naar Saint-Germain-des-Prés te gaan? Volg me voor meer routes en tips door heel Parijs.

Hermès Saint Germain des Prés
Vorige
Vorige

Quartier Latin Parijs: wandelen door een van de leukste wijken van Parijs

Volgende
Volgende

Hoe Le Marais verleden en heden in balans houdt